Drie mannen die op 26 februari van dit jaar een jonge Hellevoetse vrouw hebben gered uit de vestinggracht van Hellevoetsluis, zijn hiervoor op woensdag 29 mei onderscheiden met een zilveren erepenning van de Koninklijke Maatschappij tot Redding van Drenkelingen (KMRD). Burgemeester Peter Rehwinkel reikte de onderscheidingen uit in Ridderkerk, op het COA-opvangschip waar de mannen verblijven.

Leven gered

In februari van dit jaar lag er voor tien dagen een COA-opvangschip aan de Kanaalweg Westzijde in Hellevoetsluis, een schip dat normaal gesproken in Ridderkerk ligt. Toen een van de bewoners van het schip ’s in het begin van de nacht hulpgeroep uit de vestinggracht hoorde, haalde hij direct versterking. Drie medebewoners sprongen in het water en zwommen naar de jonge vrouw om haar te hulp te schieten. Twee van hen kwamen daarbij zelf in de problemen. De derde, Ahmad, redde eerst het meisje en redde daarna ook een van de medebewoners van het schip die nog in het water lag.

Niet afgewacht, maar gehandeld

Burgemeester Peter Rehwinkel: “Wat deze mannen gedaan hebben, is niet vanzelfsprekend. Het was donker en koud, en ze moesten een stuk zwemmen om de vrouw te kunnen bereiken. Op eigen kracht had zij daar het water nooit kunnen verlaten. Ze hebben niet afgewacht, maar moedig gehandeld. Daardoor is het gelukkig goed afgelopen. We hebben deze redding gemeld bij de Koninklijke Maatschappij tot Redding van Drenkelingen (KMRD) en een aanvraag ingediend voor een onderscheiding. Deze maatschappij bekroont mensen die iemand gered hebben van de verdrinkingsdood.”

Zilveren erepenning

Christine Vlasman, bestuurslid van de KMRD: “Dankzij het snelle en heldhaftige optreden van deze mannen is het leven van een jonge vrouw gered. Wij hebben de aanvraag gehonoreerd en besloten om aan Ahmad Hadi Khatab, Mohammad Nour Alkhani en Mohammed Abdrbo een zilveren erepenning toe te kennen. Hun moedige handelen is van levensbelang geweest.” De andere bewoners die de vrouw op de kant hebben geholpen en eerste hulp hebben verleend, ontvingen voor hun bijdrage een oorkonde van de KMRD.